Taal en tekens zijn de eerste ‘technologie’ waarmee we onze verhalen ontsluiten. Met moderne mediatechnologieën ontstaan andere vormen van communicatie, zoals het internet, waarin afstand en tijd de verteller en ontvanger steeds verder ontkoppelen. De hoeveelheid beschikbare verhalen is dermate gegroeid dat het enerzijds de vraag is of zender en ontvanger nog wel een directe relatie hebben. Anderzijds kom je als zender in een 2.0 wereld probleemloos in contact met je publiek; de toepassing van ‘social software’ creëert nieuw publiek en nieuwe contacten rondom gepubliceerde verhalen. Nooit eerder was het zo makkelijk om in contact te komen met lotgenoten, soms mensen uit totaal andere culturen die jouw herinneringen beleven. De trend is dat de publicatie- en uitwisselingsmogelijkheden zullen toenemen en de verteller en ontvanger steeds verder met de techniek zullen meegroeien. Maar naar wat?
Met de huidige nieuwe media is ook het herinneren zelf een communicatievorm geworden. Verhalen die eerder in de anonimiteit van het persoonlijk dagboek werden opgetekend zijn nu beschikbaar in een publieke omgeving waar de persoonlijke geschiedenis zich op gelijke hoogte weet met de wereldgeschiedenis. Daarmee dreigt het auteurschap te verschuiven van vakmanschap naar ‘star quality’, een mogelijkheid om jezelf zichtbaar te maken. Maar hoe komen in die veelheid aan beschikbare verhalen nog de ‘goede’ verhalen bovendrijven?
Bij het ontsluiten van herinneringen is het ook interessant jezelf af te vragen wat je per saldo nu eigenlijk herinnert, de gebeurtenis zelf of het medium. Dat gaat op voor fotografie, maar wellicht in nog grotere mate voor interactieve media waarbij je namelijk zelf kunt bepalen wat je vanuit welk gezichtspunt terugziet.
Wordt de geboorte van internet beschouwd als een soort digitale oerknal, offline, onder het uitdijende virtuele universum zien we tegelijkertijd de opkomst van locatiegebonden media, waarin verhalen met een lokale betekenis centraal staan. Denk bijvoorbeeld aan de verschillende projecten onder de titel Het Geheugen van… (Almere, Tilburg, Amsterdam Oost enz.). Die verzamelde herinneringen maken duidelijk dat we allemaal een eerste schooldag en een eerste liefde in ons hoofd dragen en dat herinneringen zijn die ons verbinden. De Marokkaanse buurvrouw met de Surinaamse loodgieter met de Nederlandse postbode.
Ook het Media Portrait of Liberties in Dublin of het project Trading Mercator Stories van mediakunstenaar Valentina Nisi verbindt persoonlijke verhalen aan fysieke locaties. Die verhalen worden onderdeel van het publieke domein en dragen bij aan de interpretatie van de (lokale) situatie en (lokale) geschiedenis.
Net als vertellers, schrijvers of documentairemakers werken ontwikkelaars van nieuwe media met verhalen van mensen. In tegenstelling tot bijvoorbeeld de op persoonlijke ervaring gebaseerde literatuur, zoals Bernlef’s roman Hersenschimmen, of de vanuit de herinneringen aan haar oma ontsproten documentaire van Tamara Miranda, werken deze ontwikkelaars meer registrerend, van ‘buiten’ naar ‘binnen’ in plaats van ‘binnen’ naar ‘buiten’ (construerend vanuit de eigen persoonlijke ervaring).